SQUASH 58 — Leer en Speel

Wat is een let, een stroke en een no let bij squash?

Zit je tegenstander in de weg, dan stop je en vraag je "Let, please". Daar komen drie dingen uit. Bij een no let was er geen hinder, of had je de bal toch niet gehaald, en is de rally voor je tegenstander. Bij een let deed hij alles om weg te komen en had jij een goede terugslag kunnen maken: jullie spelen de rally over. Bij een stroke deed hij te weinig om weg te komen, of had jij een winnende slag, en is de rally voor jou.

Na je slag maak je ruimte

Bij squash deel je met je tegenstander dezelfde ruimte en speel je allebei naar dezelfde voormuur. Daardoor kan hinder ontstaan. De basisafspraak is eenvoudig: wie heeft geslagen doet alles om weg te komen, en wie wordt gehinderd stopt en vraagt om een let. Zo blijft het spel veilig en eerlijk.

De vier rechten van de speler aan slag

Op het moment dat de bal van de voormuur terugkomt, heeft je tegenstander recht op vier dingen. Ontbreekt er één terwijl hij alles doet om bij de bal te komen, dan is er hinder.

  1. Vrij zicht op de bal: genoeg tijd om de bal te zien en zich klaar te maken.
  2. Toegang tot de bal: een vrije weg ernaartoe.
  3. Ruimte voor een normale zwaai: achterzwaai, slag en doorzwaai.
  4. De vrijheid om naar elke plek op de voormuur te slaan.

De zin heeft twee kanten: jij doet alles om weg te komen, de ander doet alles om bij de bal te komen.

"Let, please"

Vind je dat je gehinderd wordt, dan stop je en vraag je een let, het liefst met die woorden. Je vraagt meteen en je steekt je hand op, zodat iedereen het ziet. Wie eerst doorspeelt, de bal mist en dan pas vraagt, krijgt niets. Vragen om een let is bovendien meteen vragen om een stroke: je hoeft nooit "stroke" te roepen.

De drie uitkomsten

UitkomstWanneerGevolg
no leter was geen hinder, of je had de bal toch niet gehaaldde rally is voor je tegenstander
leter was hinder, maar de ander deed zijn bestde rally wordt overgespeeld, de serveerder serveert uit hetzelfde vak
strokede ander deed te weinig om weg te komen, of jij had een winnaarde rally is voor jou

Een let is een rally die niemand wint. Bij een stroke en een no let krijgt de winnaar het punt en de service, net als na elke andere rally.

Beslisschema bij hinder met vier vragen onder elkaar: was er hinder, had je de bal gehaald en goed kunnen slaan, deed de ander alles om weg te komen, had je een winnende slag gemaakt; de uitkomsten zijn twee keer no let (je verliest de rally), twee keer stroke (je wint de rally) en onderaan let (overspelen uit hetzelfde vak)
Vier vragen, drie uitkomsten: was er hinder, had je de bal gehaald, deed de ander zijn best, had je een winnaar.

De vier vragen op een rij

Zonder scheidsrechter lopen jullie samen dezelfde vragen langs. Komen jullie er niet uit, dan spelen jullie een let.

Bijzondere gevallen

Toegang. Deed je zelf geen moeite om bij de bal te komen: no let. Koos je een weg dwars door je tegenstander heen: no let. Stond je op het verkeerde been, kon je nog herstellen en kwam je toen je tegenstander tegen: let, of een stroke als je een winnaar had gehad. Duwen hoort niet bij moeite doen; vermijdbaar contact valt onder gedrag.

Zwaai. Een normale zwaai is achterzwaai, slag en doorzwaai, niet groter dan nodig. Kon je zwaai geraakt worden door de positie van een tegenstander die zijn best deed: let, of een stroke bij een winnaar. Werd je zwaai echt tegengehouden door waar hij stond: stroke, ook als hij zijn best deed. Kwam de hinder door jouw te grote zwaai: no let.

De voormuur. Houd je je slag in omdat je tegenstander tussen jou en de voormuur staat, dan is het een stroke als de bal hem rechtstreeks op weg naar de voormuur zou hebben geraakt. Zou de bal eerst een zijmuur hebben geraakt, of eerst hem en dan een zijmuur: let, of een stroke bij een winnaar. Had je gedraaid of was het een verdere poging, dan is het een let.

Verdere poging. Sla je mis terwijl de bal nog in het spel is, dan mag je het nog een keer proberen. Kom je daarbij hinder tegen, had je de bal nog goed kunnen slaan en had de ander geen tijd om weg te komen, dan is het een let.

Turning

Turning is draaien: je draait zo om je as dat je de bal of je tegenstander uit het oog verliest, of de bal gaat achter je lichaam langs van de ene kant naar de andere. Het gebeurt meestal achterin, als de bal van de zijmuur achter je langs komt. Op dat moment weet je niet waar je tegenstander staat.

Kom je tijdens het draaien hinder tegen en had je de bal goed kunnen slaan, dan geldt het volgende. Werd je zwaai tegengehouden: stroke, ook als de ander zijn best deed. Had de ander geen tijd om weg te komen: let. Kon je de bal zonder draaien slaan en draaide je alleen om een let te krijgen: no let. Het advies van de bond is eenvoudig: draai je, stop dan en vraag een let.

De bal raakt een speler

Sla jij en raakt de bal je tegenstander, zijn racket of zijn kleding voordat hij bij de voormuur is, dan hangt de uitkomst af van de weg van de bal.

Komt de bal van de voormuur af en raakt hij de andere speler voordat de speler aan slag een poging deed, zonder hinder, dan is de rally voor de speler aan slag. Raakt de bal jou zelf, zonder hinder, dan is de rally voor de ander. Zie je de ander in de baan van je bal staan, stop dan en vraag een let: je krijgt dezelfde stroke zonder dat iemand een bal tegen zijn rug krijgt. Veiligheid gaat voor een punt.

Situaties op de baan

Wat is de juiste beslissing? Klik op een situatie voor het antwoord.

Je tegenstander slaat en blijft staan waar hij sloeg, midden in jouw weg naar de bal. Je stopt meteen en vraagt een let. Je had de bal makkelijk goed kunnen slaan.

Stroke voor jou. Er was hinder, je had de bal gehaald, en hij deed niet alles om weg te komen.

Je tegenstander slaat en loopt meteen weg, maar de bal komt achter hem langs en je loopt tegen hem aan. Je had een gewone goede terugslag kunnen slaan, geen winnaar.

Let. Er was hinder, de ander deed alles om weg te komen, en jij had een goede terugslag kunnen maken: jullie spelen over.

Je tegenstander staat je in de weg, je slaat toch, de bal gaat in de tin, en dan vraag je een let.

No let, de rally is voor de ander. Wie door de hinder heen speelt en daarna pas vraagt, krijgt niets.

Veelgestelde vragen over hinder op de baan

Wat is een let bij squash?

Een rally die niemand wint: jullie spelen hem over, en de serveerder serveert uit hetzelfde vak. Dat gebeurt bij hinder waarbij de ander alles deed om weg te komen.

Wat is een stroke bij squash?

De rally voor de gehinderde speler. Je krijgt hem als de ander te weinig deed om weg te komen, of als jij een winnende slag had gehad.

Moet je "stroke" roepen?

Nee, je vraagt altijd een let. Die vraag is meteen de vraag om een stroke, en de scheidsrechter, of jullie samen, beslist wat het wordt.

Wat als je eerst doorspeelt en dan pas een let vraagt?

Dan is het een no let en verlies je de rally. Je stopt en vraagt meteen, met je hand omhoog.

Wat is turning bij squash?

Draaien om je as, waarbij je de bal of je tegenstander uit het oog verliest. Zie je de ander niet, stop dan en vraag een let, want blind slaan is gevaarlijk.

Wil je meer dan alleen deze regel kennen?

Beslis samen in een paar seconden of het een let, een stroke of een no let is. Deze regel geeft antwoord op één situatie. Met de complete cursus begrijp je hoe spelregels, termen en spelsituaties samenhangen. Zo sta je met meer zekerheid op de baan en voorkom je onnodige discussie.

De cursus, vanaf € 14,99 per speler

Bekijk de pakketten